Search
"百花齐放,百家争鸣
Laat honderd bloemen bloeien, laat honderd scholen wedijveren."

Zei de almachtige roerganger Mao Zedong toen het eind van het jaar 1956 in zicht kwam. Het was de eerste keer dat er openlijk om kritiek gevraagd werd op de regering. Mao wilde graag weten hoe de intelligentsia destijds over zijn regering dacht en hij spoorde hen aan om hun meningen als bloemen te laten groeien zodat verschillende scholen van denken met elkaar konden wedijveren om zo China te ontwikkelen. Langzaam maar zeker kwam de kritiek op gang, maar na een half jaar van harde meningen en bitter commentaar op de Chinese regering en zelfs op Mao, kwam er in Juli 1957 abrupt een einde aan de honderd bloemen bloeien campagne.


Onmiddelijk werd er een nieuwe politiek campagne aangekondigd. De zogenaamde anti-rechts campagne. Vrijwel zonder aarzeling werden diegene die kritiek leverden opgepakt en vervolgt en gestraft met verbanning naar het platteland, gevangenisstraf of de dood. Sinologen en historici hebben lang gediscusseerd over de intenties van Mao. Er zijn er die geloven dat de de honderd bloemen beweging een oprechte vraag was naar kritiek, anderen geloven dat het een doortrapte manier was om de slangen uit hun holen te lokken.


Na de arrestatie van Mediatycoon Jimmy Lai en een tiental andere activisten wordt het langzamerhand duidelijk dat er in Hong Kong iets soorgelijks heeft plaatsgevonden op kleinere schaal. De eerste protesten begonnen vorig jaar in de lente van 2019. Op dat moment had de Chinese regering nog veel opties. Van handreikingen doen naar de demonstranten tot hardhandig onderdrukken, maar het deed feitelijk niets. De Chinese regering leunde achterover en vertelde de Hong Kongnese leidster Carrie Lam dat zij het zelf moest oplossen.


Op dat moment zag ik dat nog als iets positiefs. Ik dacht dat China het "een land twee systemen" principe wilde respecteren en zich er daarom niet mee wilde bemoeien. Maar ik had beter moeten weten natuurlijk. De Chinese regering heeft overduidelijk lak aan dat principe, dat is de afgelopen paar maanden wel gebleken. Carrie Lam is bovendien een overduidelijke pop van de Chinese regering en was zeker niet op zoek naar een oplossing. De protesten met kritiek en commentaar op de regering in Beijing gingen door en zoals Mao vroeger liet de huidige leider Xi Jinping het even toe.


Nu het de Nationale veiligheidswet heeft ingevoerd weet de regering precies wie kritiek heeft geleverd, commentaar heeft gegeven en demonstranten aangemoedigd. Zo weten ze achter wie aan te gaan, wel zo makkelijk. Dat de wet is ingevoerd nadat Jimmy Lai en de activisten hun 'illegale' activiteiten hebben gepleegd en dat ze dus met terugwerkende kracht worden veroordeeld is opmerkelijk.


In elke moderne rechtstaat kun je in het strafrecht namelijk nooit met terugwerkende kracht veroordeeld worden. Dit gaat in tegen het legaliteitsbeginsel dat stelt dat je alleen veroordeeld kan worden voor een vooraf opgelegde bepaling. Het ontbreken van een moderne rechtstaat in China is dan ook precies waar de demonstranten tegen protesteerden.


Bloeiende bloemen hebben helaas nog steeds een hele korte bloeitijd in het moderne China.





Terwijl wij ons de afgelopen jaren druk maken over zwarte piet en koolstofdioxide uitstoot in ons kleine kikkerlandje staan Amerika en China aan de vooravond van een nieuwe koude oorlog. Althans met dat idee begon ik aan het boek: "Confrontatie van supermachten: hoe het gevecht tussen Trump en Xi dreigt te ontaarden in een nieuwe koude oorlog"


Maar klopt dat idee wel? Ondanks de nogal onheilspellende titel van het boek gaat het voornamelijk over de handelsoorlog en niet zozeer over de militaire dreiging die in een koude oorlog als een donkere schaduw boven elke verspreking en onverwachte handeling hangt.


Het boek is een verslag van de hechte economische relatie die de twee invloedrijke landen hebben opgebouwd sinds de jaren tachtig. En zoals elke relatie is deze niet zonder problemen. De huidige problemen tussen president Trump en voorzitter Xi lijken een herhaling van zetten. In de vroege jaren negentig waren er gespannen onderhandelingen over het mogelijke Chinese lidmaatschap van de wereldhandelsorganisatie. Ook toen liepen de emoties aan beide kanten hoog op. Uiteindelijk zijn Amerika en China toen tot elkaar gekomen, maar pas na een lange intensieve onderhandelingsperiode, het per ongeluk bombarderen van de Chinese ambassade in Belgrado en het bestormen van de Amerikaanse ambassades in Beijing en Chendu door de Chinese bevolking als een reactie daarop.


Met die gebeurtenissen opent het boek dan ook, maar al snel wordt duidelijk dat de huidige situatie niet echt te vergelijken valt met de gebeurtenissen destijds, dit heeft twee redenen:


  1. Zowel China als Amerika zijn enorm veranderd in de 30 jaar die inmiddels zijn verstreken.

  2. De hoofdrolspelers van nu zijn lastig te vergelijken met de hoofdrolspelers van toen.


China heeft zich ontwikkeld tot een economische supermacht, vooral ten koste van de Amerikanen. De leiders die in de jaren negentig verantwoordelijk waren voor de onderhandelingen waren de hervormer Zhu Rongji (朱镕基) en de liberaal Bill Clinton. Deze keer zijn er twee leiders met autocratische trekken die de gespekken leiden: Donald Trump en Xi Jinping.



Het boek beschrijft de spagaat waarin Amerika zich bevind. Aan de ene kant is China aantrekkelijk voor bedrijven omdat het een enorme markt is met een grote opkomende middenklasse, aan de andere kant verhindert China veel bedrijven makkelijke toegang tot die markt en als een bedrijf wel toegang krijgt dan is het in de vorm van een Chinees-Amerikaanse joint venture waarmee technologie en kennis wordt overgeheveld naar de Chinese kant.


In de jaren negentig was China nog in ontwikkeling en toen werden dat soort praktijken oogluikend toegestaan, maar inmiddels vinden veel Amerikanen dat China misbruik maakt van die positie en dat het zich niet genoeg heeft hervormd. Veel Amerikaanse bedrijven verdienen echter nog goed geld in China, de echte slachtoffers zijn de laag opgeleide Amerikanen die hun banen hebben verloren aan de Chinese ontwikkelingsdrang en in de zeer magere Amerikaanse bijstand terrecht zijn gekomen. Dit zijn de mensen die op Trump hebben gestemd.


President Trump moet de mensen die op hem hebben gestemd tevreden houden, maar zijn kabinet bestaat uit talloze zakenmensen en bankiers die vooral de aandelenmarkt zien als een graadmeter van economische succes. Als Trump hard tegen China optreed en een meer protectionistisch beleid voert dan kan hij rekenen op steun van zijn supporters, maar gaat de aandelenmarkt omlaag. Als hij een vriendelijker beleid voert tegenover China dan gaat de aandelenmarkt omhoog, maar zien zijn supporters hem als een politicus van de oude garde die buigt voor bankiers en het grote geld.


Xi Jinping hoeft zich niet druk te maken over zijn supporters. Hij is er niet van afhankelijk, maar hij wil wel graag als een sterke leider gezien worden. Bovendien lijkt hij het belang van de partij boven economische belangen te zetten, hierdoor worden veel economische hervormingen teruggedraaid; dus meer staatsinmenging wat leidt tot nog meer oneerlijke concurentie tegenover Amerikaanse bedrijven.


Hoewel de China en Amerika aan het eind van het boek tot een handelsakkoord komen is de toekomst nog uiterst onzeker. Het uitbreken van Covid-19 heeft de relatie weer op scherp gezet. Als je wilt weten wat voor economische belangen er meespelen, dan is dit boek, vol met interessante details, een goede plek om te beginnen.


China in tien woorden, die titel doet wat potsierlijk aan. Hoe kun je zo'n groot en complex land in slechts tien woorden vangen? De schrijver Yu Hua geeft een elegant antwoord op die vraag in de eerste introductie bladzijdes van zijn boek:


"Als ik een poging zou doen om aandacht te schenken aan elk aspect van het moderne China dan zou er geen einde komen aan mijn streven en het boek zou langer voortduren dan Duizend-en-een-nacht, dus limiteer ik mijzelf tot slechts tien woorden, maar dit minieme lexicon geeft mij tien paar ogen waarmee ik het hedendaags Chinese tafareel vanuit verschillende hoeken kan bekijken"

Toen ik in 2008 voor het eerst Mandarijn studeerde in Beijing raadde onze Chinese lerares het boek Broers aan, toen de studenten in mijn klas haar vroegen welke Chinese boeken we zouden moeten lezen. Het boek was geschreven door Yu Hua en een regelrechte bestseller destijds. Achteraf gezien was het advies ietswat misplaatst, want hoewel Yu een soepele schrijfstijl heeft was ons niveau ver van voldoende om zijn boeken te kunnen lezen. Misschien bedoelde ze te zeggen dat we het boek zouden moeten lezen in een vertaling. Hoe dan ook, ik ben er nooit aan toe gekomen. China in tien woorden is dan ook het eerste boek dat ik lees van zijn hand.


Wat meteen opvalt is dat dit boek zeer persoonlijk is, waarmee ik niet wil zeggen dat het geen goede beschrijving is van het moderne china, want dat is het wel. Echter het is ook een omschrijving van het leven van Yu Hua. Die inmiddels zestig jaar oud is en dus viel zijn jeugd in het midden van de culturele revolutie. Het boek bestaat dan ook uit talloze verhalen over die revolutie en welke invloed het heeft gehad op het moderne China. In veel van die verhalen speelt de schrijver in kwestie een rol, soms ook een kwalijke rol.




Zoals gezegd het boek is opgedeeld in tien woorden. Elk woord is de titel van een persoonlijk essay over het leven van Yuhua in China en over het land zelf. De tien woorden zijn:


人民 = Het volk

领袖 = De leider

阅读 = Lezen

写作 = Schrijven

鲁迅 = Lu Xun(een zeer beroemde Chinese schrijver uit de vorige eeuw)

革命 = Revolutie

差距 = Verschillen

草根 = Grassroots

山寨 = Namaak

忽悠 = Oplichten


De eerste zes hoofdstukken gaan voornamelijk over het recente verleden, de laatste vier gaan voornamelijk over het hedendaagse China. Mocht je geinteresseerd zijn in de recente geschiedenis van China van de jaren zestig tot nu, dan geeft dit boek een uitstekend overzicht van het leven van de gewone man. Yu Hua is een begaafd schrijver die met enkele zinnen enorm rijke beelden kan scheppen.


Wel een kleine waarschuwing: hoewel de schrijver een lichte pen heeft staat dit boek vol met onrechtvaardigheden, gruwelijke gebeurtenissen en hartverscheurend drama. Je zou denken dat deze vooral te vinden te zijn in de hoofdstukken die zich afspelen tijdens de Culturele revolutie, maar in die tijd deelde iedereen mee in hetzelfde naargeestige lot. Yuhua bewaart het meest sombere verhaal voor zijn hoofdstuk: verschillen. Daar schrijft hij:


"Een langdurig werkloze man en zijn vrouw lopen buiten met hun jonge zoon. Ze komen langs een fruitkraam; de jongen ziet dat de bananen goedkoop zijn en vraagt of zijn ouders er een kunnen kopen, maar het kleingeld dat ze in hun zakken hebben zitten is niet genoeg om een banaan te kopen en dus duwen ze hem voort. De jongen begint te huilen, het is zo lang geleden dat hij een banaan heeft gehad. Hij huilt de hele weg naar huis en blijft thuis huilen. Zijn vader, geërgerd, slaat hem. Zijn moeder rent naar hen toe en duwt vader weg. Ze beginnen ruzie te maken. De harde woorden en het oneindige gehuil van de jongen worden de vader plotseling teveel, hij haat zichzelf, hoe nutteloos hij is, hoe werkeloos hij is, de leegheid van zijn zakken. Hij loopt het balkon op en gooit zichzelf over de rand zonder zelfs maar een laatste blik te werpen. Zijn vrouw schreeuwt rent naar buiten, naar beneden de lange trap af, knielt op de grond houdt haar man's hoofd vast, snikt, roept zijn naam en voelt dat het leven hem verlaat. Minuten gaan voorbij, ze herpakt zich, legt het kapotte lichaam neer en drukt op de liftknop. In het appartement huilt haar zoon nog steeds, ze zoekt een stuk touw, plaatst een stoel in het midden van de kamer, knoopt het touw vast aan een plafondhaak. Haar zoon zit in de kamer en kijkt haar aan verbijsterd, dus ze springt van de stoel af, draait zijn stoel van haar af en klimt terug op haar stoel, maakt het touw vast voor ze de stoel weg trapt."


Vragen? Consultatie? Sourcing opdracht? Vertaling nodig?

  • White Facebook Icon